Radio Kootwijk

Radio Kootwijk werd tussen 1918 en 1923 aangelegd op een verlaten terrein op de Veluwe, zo’n 12 km van Apeldoorn. Radio Kootwijk zorgde voor het eerste rechtstreekse radiocontact met Nederlands-Indië. Het hoofdgebouw hoort tot de mooiste staaltjes van art deco in Nederland en is terecht uitgeroepen tot Rijksmonument.

Radio Kootwijk
Om zendstation Radio Kootwijk te bouwen, moesten ingrijpende maatregelen worden genomen. Men moest het heuvelige zandterrein effenen, wegen bouwen en zelfs een heuse spoorlijn aanleggen die tot 1947 heeft gefunctioneerd. Ook moest een speciale stroomleiding worden aangelegd vanaf de elektrische centrale in Nijmegen, met een onderstation in de buurt van Apeldoorn. Tegelijk met Radio Kootwijk werd in Indië een radiostation gebouwd, ten zuiden van Bandung. De afstand tussen beide stations was zo’n 12.000 km.

Art deco bouwstijl
De radioverbinding werkte op de lange golf. Dat kon alleen met zware materialen en honderden kilowatt stroom. Maar al enkele jaren na de bouw bleek dat er ook radiocontact mogelijk was over de korte golf, met veel minder zware apparatuur. Feitelijk was de zender toen al verouderd en schakelde men over op de korte golf. Pas in 2000 zijn de laatste zendfuncties opgeheven. Tegenwoordig is het zendstation in bezit van Staatsbosbeheer. Het hoofdgebouw ligt nog altijd als een kathedraal in het Kootwijkerzand en is een prachtig voorbeeld van art deco, in een mengvorm van Berlijnse en Amsterdamse School. Het is overigens niet geïnspireerd op een kathedraal, maar op een sfinx.

Het dorp Radio Kootwijk
Radio Kootwijk was veel meer dan alleen het beroemde hoofdgebouw. Het is ook echt een dorp. Tegelijk verrezen hier enkele 212 meter hoge zendmasten, een watertoren, loodsen, directiegebouwen, woningen voor personeel en een pension voor ‘ongehuwde ambtenaren’. Dat pension werd later omgebouwd tot hotel, maar is in 2006 afgebrand. Het dorp had (en heeft) geen voorzieningen, maar door de smeltkroes aan culturen had het wel een bijzonder rijk verenigingsleven. Het dorp blijft gewoon bestaan en telt zo’n 100 inwoners.

Legenda