Zijkade Mariënwaerdt

Eeuwenlang keerde de middeleeuwe zijkade van Mariënwaerdt het water van de Bisschopsgraaf in Culemborg. In de 19e eeuw kreeg deze zijkade ook een waterkerende functie in westelijke richting. De kom van de Culemborgerwaard werd toen onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Zowel de waard als de Mariënwaerdt polder konden onder water worden gezet. Het vormde de meest oostelijke (harde) inundatiegrens van de Waterlinie. Neem een kijkje bij deze imposante zijkade die onlangs nog is opgehoogd om het water te kunnen bergen van de Bisschopsgraaf.

Leidijkje
In de middeleeuwen is dit dijkje aangelegd als zijkade van de Mariënwaerdt polder, waarschijnlijk als leidijkje om het water bij een hoge Lingestand via een overloopgeul naar de komgronden te laten stromen. Het oudste deel hiervan ligt op de hoge poldergronden bij de Linge. Na sluiting van de dijkring van het gebied tussen rivieren de Lek en Linge konden in Mariënwaerdt ook de laagste gronden worden bebouwd. De zijkade werd verlengd naar de nieuwe achterkade van de polder en is sindsdien de begrenzing van de afwatering van buurdorp Tricht. Later werd hier ook de Bisschopsgraaf aangelegd waardoor het water van Beusichem en Zoelmond bij gemaal de Neust kon worden afgevoerd naar de Linge.

Waterlinie
Nadat de zijkade een waterkerende functie in westelijke richting kreeg werd de kom van de Culemborgerwaard onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. De waard kon onder water worden gezet door het openen van de sluizen in de Lekdijk bij ’t Spoel en Fort Everdingen, en de sluizen in de Lingedijk bij Acquoy, Rhenoy en Beesd. Ook de polder Mariënwaerdt maakte deel uit van de inundatie. Hij werd blank gezet door het maken van openingen in de zijkade van de dorpspolder Beesd; de Beesdsche Zeedijk. Het binnenstromende water werd tot stilstand gebracht door de zijvang van Mariënwaerdt. 

Legenda